Met deze vroege en eenvoudig verkregen 1 – 0 voorsprong sukkelde Amersfoort onmiddellijk in slaap, want op alle borden was de stand of in evenwicht of in het voordeel van ons.
Rieks trok de stand gelijk, door een strakke aanvalspartij neer te zetten.
Pieter bracht ons vervolgens op voorsprong door een solide overwinning op Jeroen Bügel.
Geon had tegen Jeanine de Cloet voortdurend initiatief. Om haar verdediging op orde te houden investeerde zij veel tijd wat haar in de tijdnoodfase opbrak.
De 4 – 1 voorsprong werd door Amersfoort teruggebracht tot 4 – 2. Gertjan speelde erg goed tegen teamleider Joeri Piet, maar verbruikte wel erg veel tijd. Die tijdnood brak hem op in het eindspel tegen een ijzersterk loperpaar.
Held van de middag werd Martin – die op de valreep moest invallen voor de zieke Tycho – en die met zwart op bord vier de Amersfoortse topper Dimitri van Leent tegenover zich kreeg. Alle stukken bleven hier lang op het bord en Martin was duidelijk in zijn nopjes met de stelling.
Frank tenslotte leverde een belangrijke bijdrage aan het slopen van het moraal van Amersfoort, door zijn tegenstander volledig weg te spelen. Lange tijd stond hij huizenhoog gewonnen, maar niets is moeilijker dan het winnen van een gewonnen stelling. Zijn tegenstander hield de deur dicht en het lukte Frank niet om met een pion en een kwaliteit meer die deur te openen. Toen de remise een feit dreigde te worden greep Frank ernstig mis en verloor volledig ten onrechte.
Ondanks een blijkbaar foutieve routebeschrijving voor het openbaar vervoer wist Wout Knol de speelzaal te bereiken. Zijn steun was van onschatbare waarde voor het team.